Not-invented-here syndroom

De buitenwereld reikt baanbrekende ideeën, producten of diensten aan, maar ze worden niet opgepakt: het not-invented-here syndroom. Mensen worden alleen enthousiast over ideeën die ze zelf hebben bedacht. Dit is jammer omdat bedrijfsblindheid leidt tot verspilling van tijd en geld. Wat zijn mogelijke oorzaken Bestaat er een vaccin tegen dit syndroom?

not invented here syndroom

Symptomen not-invented-here

Het not-invented-here syndroom (NIH-syndroom) lijkt een beetje op een chronische verkoudheid. Je voelt je niet lekker maar weet niet precies wat de oorzaak is. Ook kan je er een tijdje mee doorlopen, maar op een gegeven moment moet je er toch echt iets aan (laten) doen.

Het syndroom, de mate van acceptatie van goede ideeën van anderen, verschilt van persoon tot persoon. Verder heeft het NIH-syndroom meestal niet één duidelijk aanwijsbare oorzaak, in die zin dus een echt syndroom. Het syndroom beschrijft een aantal symptomen of klachten, bijvoorbeeld:

  • het wiel opnieuw uitvinden
  • uitblijven van echt ingrijpende veranderingen en verandermoeheid
  • schroom om externe hulp in te roepen bij het bedenken van oplossingen

Mogelijke oorzaken

Het not-invented-here syndroom is een veelkoppig monster en kent veel mogelijke oorzaken die vaak met de organisatiecultuur te maken hebben. Ook is het gewoon lastig om toe te geven dat een ander een beter idee heeft. Men komt liever met een eigen idee op de proppen dan met een suggestie voor een methode die bij de concurrent goed blijkt te werken.

Een belangrijke oorzaak van het NIH-syndroom is het simpelweg ontbreken van de gewoonte om eerst te onderzoeken of er al een oplossing is voor het probleem. Dit gedrag zit niet in de genen van organisaties. Specifiek voor vernieuwing huren organisaties niet snel derden in. Als ze het al doen dan hebben ze vaak graag dat derden hun ideeën bevestigen en verder uitwerken. Op 'eigenwijze' ideeën zitten ze niet te wachten. Spelen de voorgaande oorzaken niet en gaat men wel gericht op zoek naar nieuwe ideeën, dan is dit best lastig. Men is vaak niet op de hoogte van de mogelijkheden. De markt van innovaties is ondoorzichtig.

Een andere oorzaak kan angst zijn. Not-invented-here drukt de vrees uit voor not-employed-here. Vooral bij outsourcing voedt angst en onzekerheid over de eigen functie het NIH-syndroom. Je gaat jezelf toch niet werkeloos maken ?

Tot slot kan slecht luisteren een oorzaak van het NIH-symptoom zijn. Veel mensen hebben hier moeite mee. Men praat liever over een eigen idee, dan dat men luistert naar een idee van een ander.

not invented here nih syndroom

Diagnose

Hoewel de symptomen vaak duidelijk te herkennen zijn is het stellen van een (zelf)diagnose vaak lastig. Dit is jammer want pas na een goede diagnose is een behandeling mogelijk. Vaak komt men nog wel tot de constatering dat zelf bedachte oplossingen zelden leiden tot echte doorbraken. De reactie is echter niet afstand nemen maar nog harder zelf aan de slag gaan. Dat er extern veel baanbrekende ideeën te vinden zijn zien veel organisaties over het hoofd, ze zijn bedrijfsblind.

Bedrijfsblindheid ontstaat vaak in teams met medewerkers die meerdere jaren met elkaar samenwerken. Men zit vastgeroest in bestaande patronen. Ook nieuwe medewerkers passen zich vaak, noodgedwongen, aan de heersende cultuur aan: "Zo doen wij dat hier nu eenmaal". Het is ook moeilijk situaties anders te zien met een gekleurde bril op je neus. Attitudes, belangen, vooroordelen en eerdere ervaringen vertroebelen de objectiviteit.

Het NIH-syndroom is een vorm van weerstand tegen veranderingen. Een natuurlijk conservatisme: alleen veranderen als het strikt noodzakelijk is. Je weet immers wat je hebt en je weet niet wat je krijgt. Het NIH-syndroom vertegenwoordigt de energie die in een organisatie aanwezig is om de status quo te willen handhaven. Deze weerstand is op zich niet verkeerd. Het is een signaal dat je contact maakt met het idee, het maakt energie vrij. De uitdaging is nu om deze energie positief in te zetten. Het omgekeerde geldt trouwens ook. Als een idee geen weerstand oproept kan het niet baanbrekend zijn.

Het NIH-syndroom heeft dus direct of indirect te maken met de bedrijfscultuur, en dat is lastig te veranderen. Inderdaad, weer een mooie dooddoener en excuus om het NIH-syndroom niet aan te pakken.

Vaccin voor not-invented-here syndroom

not invented here syndroomWat is nu een goed vaccin tegen het NIH-syndroom? Het volgende recept helpt een organisatie voldoende afweerstoffen aan te maken als bescherming tegen het syndroom. Maar net als bij de griepprik, garanties zijn er niet. Iemand die is gevaccineerd kan toch nog griep krijgen. Zo ook met dit vaccin.

  • Erkennen NIH-syndroom: Het erkennen dat er een probleem is, is veelal niet eenvoudig omdat het zusje van het NIH-syndroom, zelf-het-wiel-uitvinden, vaak aanwezig is en zelfs wordt aangemoedigd.
  • Kijk over de schutting: Stimuleer samenwerken met nieuwe partijen.
  • Beter goed gestolen dan slecht bedacht: Als organisatie zou je er eigenlijk trots op moeten zijn dat iets niet zelf is ontwikkeld. Beter goed gestolen dan slecht bedacht of zoals Picasso zei: slechte kunstenaars kopiëren, de grootste stelen.
  • Plunder inspiratiebronnen: De markt voor innovaties en ideeën is ondoorzichtig. Vaak neemt men niet de tijd om oude ideeën eens te bekijken of is men niet op de hoogte van de mogelijkheden. Jammer, want zonder inspiratie geen motivatie.

Bijsluiter

Net als elk medicijn bevat dit vaccin ook een bijsluiter. Te veel aandacht voor het NIH-syndroom kan natuurlijk ook. Het hergebruik van ideeën schiet dan te ver door, men gaat groepsdenken. Alles wordt een eenheidsworst. Het gaat dan niet om het NIH-syndroom, maar om je te onderscheiden in de markt.

Zelf ideeën ontwikkelen heeft dan de voorkeur. Vaak gaat het om kernactiviteiten. Alle alternatieven zijn bekend en de markt vraagt om nieuwe en unieke producten of diensten.

Juiste balans

Mensen worden alleen enthousiast over ideeën die ze zelf hebben bedacht: het NIH-syndroom. Deze zelf bedachte oplossingen kunnen wel rekenen op draagvlak maar leiden zelden tot doorbraken. Door de juiste balans te zoeken tussen externe hulp en zelf ideeën ontwikkelen is uit dit dilemma te komen. Als men zich daarbij bewust is van de eigen tekortkomingen en open staat voor ideeën van anderen dan neemt de kans op echte veranderingen sterk toe. Wees er eens trots op dat een idee is gestolen en niet zelf is ontwikkeld. Maar dat is vaak een ware cultuuromslag.